Whitepaper met vergelijking cao’s publieke sector

28-02-2019

Welke afspraken vallen op in cao’s die in 2017-2018 zijn afgesloten in de publieke sector? Waar was de loonstijging het hoogst? Wat staat er in de cao’s over tijdelijke contracten? Kwam de cao met veel of weinig rumoer tot stand? Het antwoord op deze en nog veel meer vragen geeft Wilco Brinkman, projectleider technologie & werk bij het CAOP, in de whitepaper ‘ Wat gebeurde er in 2017-2018 in ‘cao-land’ van de publieke sector? (383 KB)’.

Vergelijking

In november 2018 organiseerde de Albeda Leerstoel van de Universiteit Leiden en het CAOP een openbaar debat waarin cao’s in de publieke sector met elkaar werden vergeleken. Dat zijn de cao’s van het Rijk, provincies, gemeenten, waterschappen, politie, rechterlijke macht, onderwijs (primair, voortgezet, mbo, hbo, wo), onderzoeksinstellingen en universitaire medische centra (umc’s).
In alle cao’s komen onderwerpen aan de orde als loonontwikkeling, opleiding en ontwikkeling, duurzame inzetbaarheid en flexibele arbeidsrelaties.

Loonstijging

Twee onderwijssectoren − vo en mbo – hebben een cao met de hoogste loonstijging: ongeveer 3 procent. Ook in het hbo is de salarisontwikkeling bovengemiddeld, net als bij het Rijk, de politie en umc’s. Het gemiddelde van alle cao’s in de publieke sector is 2,4 procent.

Generatiepact

Onder het containerbegrip ‘duurzame inzetbaarheid’ valt terugdringing van de werkdruk. Dat komt in alle cao’s terug, maar bij de onderwijssectoren en politie het sterkst. Het generatiepact, waarbij oudere werknemers minder mogen werken met beperkt inkomensverlies en volledige pensioenopbouw, is in vier cao’s opgenomen, waaronder die van de gemeenten en het wo.

Tijdelijke contracten

In vrijwel alle cao’s staan afspraken over het beperken van het aantal tijdelijke arbeidsrelaties. In sommige cao’s zijn hiervoor bijzondere oplossingen, bijvoorbeeld een langere duur van een tijdelijk contract (cao provincies) of meer loopbaanperspectief in tijdelijke banen (cao universiteiten).

Cocreatie

Brinkman vergeleek ook de cao-onderhandelingsprocessen. Sectoren waar het ‘knetterde’ zijn volgens zijn indeling de politie, po en defensie, dat nog steeds geen akkoord heeft. Conflicten gingen vooral over loonontwikkeling en in mindere mate over verlaging van de werkdruk en pensioenen. Bij de waterschappen, umc’s, het Rijk en het vo zijn minder acties gevoerd; bij het hbo en mbo nog minder, en bij gemeenten, provincies, wo en onderzoeksinstellingen verliep het proces het soepelst. Gemeenten en provincies hebben zelfs onderhandeld op basis van cocreatie.

Trends

Doel van de cao-vergelijking was inzicht krijgen in de afspraken die in de deelsectoren zijn gemaakt.
Op de bijeenkomst in november werd afgesproken om elk jaar zo’n vergelijking te maken. Zo worden trends beter zichtbaar en is op de duur vergelijking met andere (markt)sectoren mogelijk. De whitepaper ‘Wat gebeurde er in 2017-2018 in ‘ cao-land’ van de publieke sector? (383 KB)’ is daarmee het begin van een nieuwe traditie.

Meer informatie

Voor meer informatie over dit onderwerp kunt u contact opnemen met Wilco Brinkman, projectleider technologie & werk bij het CAOP.
E: w.brinkman@caop.nl
T: 070 376 58 29